Column


IT-jurist Peter van Schelven over...

Schadevergoeding na internetfraude

Je bent slachtoffer van internetfraude. Hoe wordt dan de financiële schade die je hebt opgelopen vergoed? Afgelopen 22 december heeft de rechtbank in Den Haag in vier strafzaken op het vlak van cybercrime uitspraken gedaan die in dit verband de moeite van het noemen waard zijn. De breed gemotiveerde vonnissen stemmen de slachtoffers niet tot vrolijkheid.

Wat was het geval? Vier personen hebben zich in 2014 en 2015 schuldig gemaakt aan grootschalige internetoplichting. In nauwe samenwerking met elkaar hebben deze personen namaak-webshops gemaakt, die gepresenteerd werden als waren zij afkomstig van onder andere Mediamarkt, BCC, Ziggo en Dixons. Deze namaak-webshops maakten gebruik van nepsites met domeinnamen die sterk leken op die van deze bedrijven.

Fake advertenties
Via nepadvertenties op onder meer Marktplaats.nl werden potentiële kopers verleid naar deze namaakshops te gaan. Vervolgens heeft een groot aantal mensen in goed vertrouwen via die shops goederen – overwegend elektronicaproducten – besteld en betaald. De spullen werden echter nooit geleverd. Betaling gebeurde via iDEAL of op een rekening van een katvanger. Het leverde enkele honderden slachtoffers op. De meeste gedupeerden gingen voor enige honderden euro’s het schip in.

Nadat de daders via een gedegen en gedetailleerd justitieel onderzoek gepakt waren, leverde het hun bij de strafrechter een forse veroordeling op voor een combinatie van computervredebreuk, manipulatie van computergegevens (phishing), oplichting en het witwassen van geld. Langdurige celstraffen werden opgelegd.

Schadevergoeding
Het Nederlandse strafrecht kent een regeling die het mogelijk maakt om in een strafzaak ook direct vergoeding van de geleden schade te vragen. Zo’n schadevergoeding is een zogeheten civiele claim en die kan in de strafzaak worden gevoegd. Dat is voor slachtoffers van een misdrijf een aanzienlijk eenvoudigere procedure dan het zelf opstarten van een civiele zaak tegen de dader. De strafzaak wordt immers gecombineerd met de schadevergoedingskwestie en dat scheelt dus een aparte procedure bij de civiele rechter. Wil je als slachtoffer trachten de geleden schade vergoed te krijgen, dan dien je een zogeheten voegingsformulier in bij justitie, die dat – naast de strafvordering – vervolgens aan de strafrechter voorlegt. Een eenvoudige en goedkope procedure!

Dat gebeurde ook in de vier bedoelde cybercrimekwesties, doch zonder succes voor de honderden gedupeerden. Een juridische voorwaarde voor de behandeling van een schadevordering van slachtoffers is dat deze geen onevenredige belasting van het strafgeding mag opleveren. Over die wettelijke regel struikelden de gedupeerden in deze kwesties. De rechtbank nam namelijk aanstoot aan het feit dat justitie, die geruime tijd aan het strafrechtelijke onderzoek had gewerkt, pas in de week voorafgaand aan de strafzitting de desbetreffende schadeclaims van de vele gedupeerden aan de rechtbank had voorgelegd.

De verdachten waren daardoor in hun belang benadeeld, aldus de rechtbank. Door de aanpak van justitie was volgens de rechtbank niet verzekerd dat de advocaten van de verdachten in voldoende mate in de gelegenheid zouden zijn om op de zitting naar voren te brengen wat zij van de afzonderlijke schadeclaims vonden. De advocaten moeten namelijk iedere afzonderlijke schadeclaim op zijn merites kunnen beoordelen. Dat lijkt mij een billijke gedachte. Uitstel van de strafzaak om die beoordeling mogelijk te maken was in de ogen van de rechtbank geen optie.

Trage aanpak
Door de trage aanpak van de Nederlandse justitie rondom de behandeling van de schadeclaims, staan de gedupeerden in deze kwesties vooralsnog dus met lege handen. Willen zij alsnog hun schade vergoed krijgen, dan zullen zij de veroordeelde daders alsnog in een afzonderlijke civiele procedure moeten aanspreken. Het is maar zeer de vraag of dat ook gebeurt. Want welk weldenkend mens gaat voor een paar honderd euro schade een procedure bij de civiele rechter starten, waarvoor je zelf eerst proceskosten moet maken?

Justitie had in deze omvangrijke kwestie van internetfraude meer oog moeten hebben voor de belangen van gedupeerden. Gemiste kans!


IT-jurist Mr. Peter van Schelven, BIJ PETER – Wet & Recht, laat wekelijks zijn licht schijnen over een opmerkelijke uitspraak of wetgeving binnen het IT-recht. Heeft u een concrete vraag voor Peter? Dan kunt u mailen naar peter.van.schelven@gmail.com.   

Kijk hier voor de eerdere bijdragen van Peter van Schelven.

Lees meer over