Column


IT-jurist Peter van Schelven over...

Privacy: alleen een juristenfeestje?

Als je kijkt naar de handel en wandel van de privacywaakhond in ons land, de Autoriteit Persoonsgegevens, dan zie je dat die gedomineerd wordt door juristen. Toepassing en uitleg van de wettelijke regels en toezicht op de naleving staan veruit voorop. Jarenlang gold dat ook voor haar voorloper, het College Bescherming Persoonsgegevens.

De missie en visie van de toezichthouder, gepubliceerd op haar site, verraden een eenzijdige focus op wet en recht. Ook uit de samenstelling van het tweekoppige bestuur van de Autoriteit Persoonsgegevens blijkt de beperkte gerichtheid op een juridische benadering van privacyvraagstukken. De voorzitter is onder meer oud-rechter en de vicevoorzitter een voormalig officier van justitie. Keurige, ervaren en deskundige heren overigens, waar niets mis mee is. Geen kwaad woord dus over de beide mannen, maar het zijn en blijven slechts juristen.

Digitale innovatie
Dat roept de vraag op of de Autoriteit Persoonsgegevens wel voldoende oog heeft voor andere maatschappelijke belangen dan alleen de inhoud en naleving van wetgeving. Daar wordt door sommigen wel aan getwijfeld, met name als het aankomt op vraagstukken rondom digitale innovatie.

Een pregnant voorbeeld zijn de algoritmische analyses van ‘big data’ die niet zelden op gespannen voet staan met fundamentele beginselen van de privacywetgeving. Het is vanuit een innovatieperspectief ronduit slecht dat de toezichthouder de Nederlandse samenleving op dat gebied vrijwel geheel met lege handen laat staan. Een organisatie die nu voor de keuze staat wel of niet investeren in big data-analyses, krijgt van de toezichthouder in wezen een heel eenvoudig antwoord: “Zoek het zelf maar uit!”

Er is dus alle aanleiding dat er tegenwicht komt aan de juridische hegemonie binnen de Autoriteit Persoonsgegevens. Momenteel is de Uitvoeringswet Algemene Verordening Gegevensbescherming bij het Ministerie van Veiligheid en Justitie in de maak. Die wet, waarvan in december vorig jaar reeds een voorontwerp werd gepubliceerd, gaat specifieke regels geven over de samenstelling en functie van de Nederlandse toezichthouder. Een goed moment dus om de positie van de Autoriteit Persoonsgegevens eens stevig te herijken.

Draagvlak toezichthouder
De koepelorganisaties VNO-NCW en MKB Nederland hebben onlangs in een gezamenlijke reactie op het voorontwerp van de komende wet al bepleit dat de Autoriteit Persoonsgegevens uitdrukkelijk de wettelijke taak moet krijgen om innovatie mee te wegen in haar beslissingen. Dat standpunt van het georganiseerde bedrijfsleven verdient sympathie, al was het maar omdat het draagvlak van de toezichthouder onder druk komt te staan als afwegingen rondom innovatie niet gedaan zouden worden.

Niet minder belangrijk is bovendien dat belanghebbenden in de Nederlandse samenleving – bedrijven, overheden, zorginstellingen, wetenschap en dergelijke – aan hun lot overgelaten worden als privacy louter of overwegend een juristenfeestje is. Daar worden maar weinigen – behalve mijn beroepsgenoten – blij van.

Innovatie en security
Het College van de Autoriteit Persoonsgegevens bestaat nu, zoals gezegd, uit twee juristen. VNO-NCW en MKB Nederland benadrukken in hun reactie dat aanvulling van het College met een derde collegelid met kennis van innovatie een welkome verbetering zou zijn. Ook dat standpunt verdient sympathie, waarbij ik aanteken dat ook stevige securityknowhow op het hoogste niveau van de toezichthouder niet zou misstaan.

Het boodschappenmandje van de toezichthouder is immers gevuld met tal van onderwerpen waarin kennis van en ervaring met innovatieve technologie en security een harde noodzaak zijn: big data, persoonsprofilering, cloudcomputing, privacy by design, pseudonimisering en nog zoveel meer. De komende uitvoeringswet zou aan het kennis- en ervaringsprofiel van de bestuurders van de Autoriteit Persoonsgegevens eisen kunnen stellen.

Het is nu afwachten of de regering oren heeft naar de voorstellen van VNO-NCW en MKB Nederland. Het te verwachten definitieve wetsvoorstel is nu nog niet bekend. Mocht de regering anders overwegen, dan ligt hier een schone taak voor het parlement en de lobbyisten in ons land. Bedrijfsleven: houd vinger aan de pols!


Lees meer over