Column


IT-jurist Peter van Schelven over...

Bring Your Own en vertrouwelijke bedrijfsdata

Wanneer je als organisatie toestaat dat werknemers eigen laptops, tablets, andere devices of privé-e-mailadressen voor hun werkzaamheden mogen gebruiken, dan heeft dat juridische betekenis voor de omgang met vertrouwelijke bedrijfsdata. Dat moest onlangs het bedrijf Record Toegangstechniek bij de kantonrechter te Rotterdam ervaren.

In een recente rechtszaak trok dit bedrijf, dat vóór het faillissement van het Imtech-concern nog de naam Imtech Toegangstechniek droeg, aan het kortste eind in een geschil met een werkneemster die ervan werd beschuldigd een enorme hoeveelheid vertrouwelijke en bedrijfsgevoelige informatie naar haar privé-e-mailadres te hebben gezonden. De werkgever had op die grond de kantonrechter verzocht de arbeidsovereenkomst met de werkneemster te ontbinden, maar in het vonnis van 4 december werd dat verzoek rücksichtslos van de hand gewezen. De arbeidsverhouding met de werkneemster, een hogere manager van het bedrijf, moest volgens de rechter gewoon in stand blijven.

Achter het geschil figureerde de nieuwe aandeelhouder van het bedrijf, die – naar het lijkt – maar moeilijk met deze manager uit de voeten kon. Kennelijk zocht de werkgever, gesteund door de nieuwe aandeelhouder, in een vermeende schending van bedrijfsgeheimen een stok om mee te slaan. Zonder succes dus.

‘Niet ongebruikelijk’
De werkneemster in kwestie heeft tegenover de kantonrechter eerlijk erkend dat zij van haar collega een overzicht met onder meer klantgegevens toegestuurd had gekregen en dat zij dit bericht had doorgestuurd naar haar privé-account om er ’s avonds thuis naar te kunnen kijken. Haar collega had gevraagd naar haar mening over de gewijzigde lay-out van het overzicht. De kantonrechter zag hier geen enkel kwaad in, al was het maar omdat Record Toegangstechniek in de procedure verder ook niets had gezegd over de vraag of zij door de handelwijze van de werkneemster financiële schade had geleden.

De kantonrechter legt in zijn vonnis stevige nadruk op het feit dat het bij Imtech niet ongebruikelijk was dat gegevens naar het privé-e-mailadres doorgestuurd werden. De werkneemster had in de procedure duidelijk gemaakt in het verleden regelmatig bedrijfsgevoelige informatie van Imtech naar haar privé-e-mailadres te hebben gestuurd, hetgeen vanwege haar managementfunctie was toegestaan. Dit deed zij bijvoorbeeld voorafgaand aan migraties om relevante gegevens veilig te stellen.

Bestaande praktijk weegt zwaar mee
De uitspraak leert ons dat de bestaande praktijk bij de omgang met data binnen een bedrijf iets is dat in arbeidsgeschillen zwaar meegewogen moet worden. De medewerkster deed in de visie van de rechter in feite niets fout. Een terechte conclusie, zo lijkt mij. Die afweging wordt niet anders als op enig moment het bedrijf, zoals in deze kwestie, als gevolg van een faillissement door een ander is overgenomen.

De werkneemster had in de procedure nog aangevoerd dat zij eerder conform de schriftelijke BYOD-regeling van haar leidinggevende binnen Imtech al toestemming had gekregen tot het gebruik van Bring Your Own Device. Daardoor stond bij voorbeeld ook op haar iPad bedrijfsgevoelige informatie. Opmerkelijk is dat de rechter in de motivering van zijn uitspraak volledig aan dat argument voorbij gaat. Kennelijk was het in de ogen van de rechter een overbodig verweer. Ook passeert de kantonrechter de binnen het bedrijf geldende ‘Etiquette ICT-Middelen’ waarin de volgende passage was opgenomen: “Vertrouwelijke gegevens en bedrijfsgevoelige informatie mogen niet zonder toestemming worden verstuurd en dit hoort altijd beveiligd (met wachtwoord) te verlopen.”

Aan het beroep dat de werkgever op deze laatste regeling had gedaan, wijdt de Rotterdamse magistraat in de onderbouwing van zijn uitspraak geen woord. De rechter vond in de feitelijke praktijken in de omgang met bedrijfsdata zo te zien reeds voldoende grond om de werkgever met lege handen naar huis te sturen. Meer was niet nodig om een keurig gemotiveerd vonnis af te leveren. In de uitspraak wordt dus geen enkele betekenis toegekend aan deze regelingen. Dat lijkt de waarde van dit soort bedrijfsregelingen dus te relativeren.


Lees meer over